Don’t be evil
Dat is de informele corporate slogan van massa internetbedrijf Google. En zo af en toe gaat hij ook nog op ook! De spanningen tussen Google en de Chinese regering liepen deze week hoog op na een hack aanval op het bedrijf in China. Het is niet de eerste keer dat er een conflict is met Google in China. Eerder al moest Google bepaalde inhoud censureren van de overheid om te kunnen mogen opereren in China. Als reactie na deze week weigert Google dat nog langer te doen. De vraag is natuurlijk, wat is belangrijker? Absolute vrijheid van informatie, of het ‘beschermen’ van de burger?
Google gelooft heilig in hoe meer informatie en transparantie op het internet, hoe beter. En die discussie is ongelofelijk lastig. Centraal staat het vraagstuk of meer transparantie leid tot meer veiligheid voor de burger. Er zitten twee kanten aan deze discussie.
Het mechanisme werkt niet
Hoe meer informatie beschikbaar, hoe makkelijker mensen die kwaad in de zin hebben ook informatie opzoeken die schadelijk kan zijn voor de maatschappij. Als kinderporno niet verboden is op internet, is de kans groter dat iemand dat opzoekt dan dat het niet verboden is. Daarnaast is het internet zo anoniem dat het simpel is om met terroristische organisaties allerlei informatie uit te wisselen die mogelijk schadelijk is.
Het mechanisme werkt wel
Wat je ook kunt beargumenteren, is dat mensen die écht kwaad in de zin hebben toch wel aan die informatie komen, en dat je dat toch niet tegenhoud door een paar filters omdat ze daar dan wel doorheen hacken. Voor de mensen die echter geen kwaad in de zin hebben kan dat soort informatie juist leiden tot meer kennis voor bescherming tegen terrorisme. Bijvoorbeeld de “pro-anna” websites, die als klokkenluider fungeerde om het anorexiaprobleem aan de orde te stellen. Waren die er niet geweest, had het zich misschien ondergronds afgespeeld. Kortom: de overheid heeft meer controle over het systeem.
Hierbij laat ik buiten beschouwing dat de overheid überhaupt het recht heeft om te censureren op het internet omdat een reële dreiging nu eenmaal een redelijke trade-off is met een klein stukje veiligheid. Maar het lastige van de vraag is dus: welke keuze maak je? De Chinese overheid heeft heel duidelijk gekozen voor die eerste keuze, wetende dat het misschien een backlash is die het systeem onder de grond dwingt en oncontroleerbaar maakt. De keuze die de overheid misschien het beste had kunnen maken was een middenweg: samen met Google kijken naar risicoonderwerpen of groepen waar de overheid mogelijk op moet beschermen, en voor de rest juist monitoren wat er in de ‘grijze-gebieden’ gebeurt. Internet is niet zo oncontroleerbaar als het lijkt.
